Een dekvloer zet uit als hij warm wordt en krimpt bij afkoelen. Volgens de BA-richtlijn van het Bedrijfschap Afbouw ontstaan scheuren vooral in de afkoelfase. Daarom stook je vloerverwarming in een nieuwe dekvloer langzaam op, en leg je dat vast in een opstookprotocol.
Wanneer beginnen
- Zandcement: volgens Viega en Uponor op zijn vroegst 21 dagen na het storten; de BA-richtlijn zegt bij voorkeur niet binnen 28 dagen.
- Anhydriet: volgens Viega en Uponor op zijn vroegst 7 dagen na het leggen, of volgens de fabrikant.
- Droogbouw: Uponor noemt 1 dag op 20 tot 25 °C en 1 dag op de hoogste ontwerptemperatuur.
Twee schema's
| BA-richtlijn 2.1 (2011) | NEN-EN 1264-4 volgens Viega en Uponor | |
|---|---|---|
| Start | ruimtetemperatuur plus 5 °C | 3 dagen 20 tot 25 °C |
| Opbouw | elke 24 uur 5 °C erbij, tot 40 °C | daarna 4 dagen op de ontwerptemperatuur |
| Top | minstens 24 uur op 40 °C | Viega: hoogstens 55 °C |
| Afbouw | elke 24 uur 5 °C omlaag | niet apart beschreven |
De BA-richtlijn waarschuwt dat 55 °C het risico op scheuren en loslaten flink verhoogt, en zegt: bereikt het vloeroppervlak 31 °C, ga dan niet verder omhoog en begin met afkoelen. Leg daarvoor een thermometer op de vloer.
Wie vult het in
Het installatiebedrijf stookt op en noteert het in het opstookrapport, met datum, opdrachtgever en handtekeningen. Bewaar dat document. De vloerenlegger meet daarna of de dekvloer droog genoeg is voor de afwerkvloer.